Doorzettingsvermogen, daar durft het hier wel eens aan ontbreken. Zeer tegenstrijdig, want hoogbegaafden zijn soms echte doordrammers, pietjes precies of petra's perfect. Ze houden maar wat graag monologen als het over een onderwerp gaat dat ze zelf mega-super-interessant vinden. Maar al heel jong missen ze een belangrijke ervaring. Die van het vallen en weer leren opstaan. Een kind (en ook volwassenen) leren van hun fouten en van hun overwinningen als iets wat onbereikbaar lijkt opeens wel lukt. Dat gaat om heel eenvoudige dingen zoals het leren oppakken van een speeltje, het leren rechthouden van het hoofdje, leren zitten, leren stappen, leren fietsen enz. Maar hoogbegaafden kunnen zoveel vanzelf, zonder extra inspanning, zonder moeite dat ze de kans niet krijgen om deze ervaring op te doen. Met dit probleem worstelt onze aardvrouwtje, zo nu en dan.
Mam schotelde haar een uitdagende knipopdracht voor: een nog-uit-te-knippen-puzzel met behoorlijk kleine stukjes. Mare houdt van puzzelen, dus zodoende. Maar de moeilijkheid lag hem niet zozeer in de puzzel zelf of in het knippen, maar wel in het materiaal: karton. Dus na één stukje te hebben uitgeknipt ging de lip naar de kelderverdieping. Het aardvrouwtje wou er meteen de brui aan geven en hopte al bijna van haar stoel. Ze had natuurlijk in één oogopslag door dat dit geen makkie was, niet snel één twee drie klaar zou zijn, zoals ze gewoon is. Mam hield vol en weigerde in haar plaats te knippen. Ondanks de aanmoedigingen en tips werd er flink gezucht, gekreund en een flink potje gejankt. Het hielp haar de puzzel eerst in vier te knippen, zodat het minder knipwerk leek. Toen herpakte ze zichzelf. Na ettelijke minuten knippen, waren de stukjes klaar. Niet helemaal op de dikke witte lijn, er af en toe glorieus naast. Maar het resultaat mocht er wezen. Mare kan trots zijn op zichzelf! Met rode kaken, veel inspanning en volharding is deze jongedame een belangrijke levensles wijzer. Alleen de aanhouder wint!
In het Centrum voor Begaafdheid (CBO) kunnen hoogbegaafde kinderen in het vooruitwerklab hun tanden stuk bijten op pittige en uitdagende opdrachten. Zo hebben ze ooit eens papieren vliegtuigjes gebouwd en moesten ze bedenken wat er allemaal mis kon gaan en daarvoor een oplossing bedenken. Het gaat hierbij niet om de juiste oplossing, maar om de vaardigheid oplossingen te bedenken en uit te proberen. Daarna volgen grotere opdrachten, zoals: houd heel dat ei. Hierbij laten ze een ei van op hoogte naar beneden vallen en moeten de kinderen trachten het ei niet te breken. Sommigen maakten parachutes met plastic zakken, anderen maakten een matras met rietjes. Kinderen krijgen op deze speelse manier inzicht in hun denkproces. De opdrachten zijn zo opgebouwd dat alleen door vallen en opstaan tot een oplossing kan worden gekomen. Maar als mam je een goede raad mag geven: doe de proef met de eieren buiten en laat ze landen op een stuk krantenpapier. Dat ruimt een stuk makkelijker op...